woensdag 18 december 2013

gijzeling


Doortje en ik wonen samen, tenminste, dat was zo tot 5 december. Sinds Sinterklaas ons achter liet met alle verwennerijen lijkt ons huishouden uit 3 personen te bestaan. Er is een nieuw wezen ingetrokken bij ons. Een onsympathiek chagrijnig lomp en lawaaierig ‘ding’.
Het is een popje met een pluche vacht, twee grote plastic oren, ogen met digitale vensters, een staart en een snavel. Het is een FURBY.
We zijn bang voor deze nieuwe huisgenoot. Doortje had het ‘ding’ echt wel zelf op haar verlanglijstje gezet, maar heeft daar nu spijt van.
Het zag er zo grappig uit in de speelgoed boekjes; een Furby. Hij zou praten en nieuwe woordjes kunnen leren, zingen en dansen.
Nu dat ding een week bij ons is weten we niet meer waar we het laten moeten, zo eng is Furby. We schrikken ons naar als we de trap op lopen, (daar was hij even weggezet) en Furby begint weer te reutelen en schreeuwen.  In de gang dan; ssssttttt zachtjes met de deur anders wordt Furby wakker. Een lege bloempot dan, zo hoort en voelt hij niets.  “Ooohhhh nee, niet zo hard praten”. ‘Nee geen cdtje opzetten, straks wordt Furby wakker’. Dit is toch te gek zo, helemaal niet grappig, weer wakker boert en schreeuwt Furby verder. De irritatie groeit met de dag. Onze privé sinterklaas haalt een grap uit bij zijn vertrek; hij stoot Furby aan zodat die weer begint met reutelen en zaniken. “Ooowwh nee” roepen we tegen opa. Bezoekers vragen we ons te bevrijden van deze gijzelnemer, wees stil, geef hem geen aandacht, stamp niet met je voeten, en nee pak hem maar niet op. Elke actie met geluid is voer voor Furby.
Fluisterend en op de tenen lopend zwerven we door ons huis. Schrikkend als we vergaten waar furby dan weer verstopt was en schreeuwend tot leven komt.
Doortje wil weten wat je met een kadootje doet als je het toch niét wil hebben. Tja.  Geen idee, verstop hem maar weer.
Weer een week later is er een klein prettig wonder gebeurt.
Doortje denkt dat ik Furby heel goed vestopt heb, ik denk dat Doortje dat gedaan heeft. We gieren van de lach als we de waarheid zoeken. ‘Jij deed het, nee jij hebt hem verstopt’. We lachen ook van het opgelucht zijn. Ons huis is weer van ons. Het raadsel is serieus; waar is die engerd gebleven?

vrijdag 22 november 2013

ongeloof


Het is een mooie periode, gezellig, vrolijk en mysterieus, vol warme herinneringen, gedeeld met je hele land.
Sinterklaastijd, is óók wel een beetje een gekke tijd.
Met zijn allen kleine kinderen in de maling nemen. Kunnen we wel?
Zodra de Spaanse bende weer is gearriveerd in ons land versieren we de huiskamer. De cd’s worden weer meegezongen.
Als de eerste Intertoys en Bart Smit boekjes verschijnen, begint Doortje een wensbrief te plakken.
Klein dit jaar, er zijn niet zoveel wensen.
Eigenlijk wil ze ieder jaar weer dat hondje met een snoer. Als vervanger voor een echte hond, zo’n beestje wat blaft, kwispelt en loopt op commando. Er liggen al 2 halve hondjes in de speelgoedkisten dus daar zal Sint wel niet aan tegemoet komen!
Met mama beleeft ze dit jaar de intocht. Als onder hypnose kijkt ze ernaar op de schouder van mama’s vriend. Dat iemand ‘neppert’ had gezegd over de Sint vergeet ze déze dag helemaal.
Thuis worden de schoenen gezet. Ook die van mij en ook die van opa.
Lekkere grote; laarzen!
Zingen, wortel, uit bed komen, water erbij, én de verwachting én de spanning. Pietje had onze namen in kruidnootjes op de grond gelegd, “zonder fouten Nana, die kan ook al schrijven”, (net als zij zelf).
Na 3 keer, (1 kadootje 2 keer een chocolademunt) wordt de stress al te groot. Of ik mee naar beneden ga om te kijken of er iemand in ons huis is geweest. Je weet maar niet wat er s’nachts gebeurt!
Tijd om Dieuwertje in te schakelen; we vullen de schoenvulposter in.
Zo, nu weet Doortje wanneer ze op die lui kan rekenen.
De Sintweken vullen zich in een niet bij te houden tempo, elke dag een nieuwe activiteit.
De buurtwinkels, de gymclub, de school, de bioscoop, de buurtclub, het Sinterklaasjournaal en het familiefeest.
Als ik niet oppas bezwijkt ze er onder. Af en toe vertoont ze een niet te tolereren uitbarsting, of een schop tegen het een of ander. Grote spijt en verdriet en tranen na een brutale opmerking of uitgestoken tong. Doortje heeft last van zichzelf.
We dimmen de pret een paar dagen, geen Sint op film en in de boekjes die ik voorlees. Alleen het Diewertje Blok Sinterklaasjournaal volgen we nog. Tien minuten per dag met open mond voor het beeldscherm.
En dan komt ze thuis van zwemles met ‘verschrikkelijk nieuws’………………………………………………………………….
Een meisje uit de zwemlesgroep heeft verteld dat Sinterklaas en zwarte Piet verklede mannen zijn.
Even voel ik me Jochem Meijer alias ‘pietje paniek’
Wat ga ik zeggen? Waar doe ik goed aan. Wat is ze er vroeg bij!
Wat een dilemma voor haar, is er geen risico overgeslagen te worden? Hoe te handelen 2 weken voor de finale avond? Wat een rotkind die medezwemster.
Wat jammer als het grote kindergeheim al afgelopen is. Verder liegen of openbaren?
Alles gaat door mijn hoofd maar ik zeg een beetje piepend; ‘wat denk jij?’ Ik hou mijn adem in. Haar ogen rollen, ik zie haar denken.
En dan heel verontwaardigd; Natuurlijk zijn ze wel echt, iedereen in mijn klas zegt dat ze echt zijn’. Huhhh vanwaar dan dat onderwerp?
Tussen full-time geloven en het ontdekken van de Sinterklaas waarheid zit een lange periode van verwarring, ik denk dat wij daar wel zijn aangekomen. Arme Doortje al weer 6 jaar oud.
Een illusie armer.
Over tot de orde van de dag vraagt ze meteen daarna; ‘hebben we een toetje?’

 

 

   

donderdag 14 november 2013

wollig


In Apeldoorn was ik laatst bij een tentoonstelling met mijn zusjes.
Daar lopend vond ik het jammer dat Doortje het niet in het echt kon zien. Ze zou het prachtig gevonden hebben, en geïnspireerd raken tot eigen nieuwe knutselarijen.
Thuis liet ik haar de foto’s ervan zien en dat leidde inderdaad tot mooie papier kunstwerken.
Later ga ik dus mét Doortje en een vriendin naar een andere tentoonstelling. De Ketelfactory in Schiedam. http://www.deketelfactory.nl/nutezien.php
Al een poosje zijn vriendin en ik zoet met het ontdekken van de mogelijkheden met schapenwol. We trekken de restjes wol van het prikkeldraad als we aan het fietsen zijn. Kijken documentaires.
We zoeken naar verf opties. We struinen internet af naar informatie. Voor de lol hebben we een facebook groepje voor 2 gemaakt, hier houden we elkaar op de hoogte met foto’s en ontdekkingen.
Doortje volgt onze exercitie en interpreteert haar eigen ontdekkingen. Zo vertelde een klasgenootje, met Marokkaanse ouders, aan Doortje dat Marokko de meeste kruiden ter wereld had. Ik durf dat te betwijfelen en laat haar in onze tuin de Hollandse variëteiten zien. Om te eten, te ruiken, te verven, of alleen van te genieten. Doortje herinnert zich de kleur op haar vingers nadat we de bloem van sint Janskruid eens rul wreven. En ook de zaden van papaver die we uitstrooiden in de bermen vlakbij ons huis om volgend jaar te gaan kijken of ‘onze’ zaden bloemen willen geven.
Als fan van ‘Claudy Jongstra’ gingen we met z’n drietjes op pad.
Via een mooi parkje, waar Doortje even spelen kan op houten toestellen met dieren decoraties, vinden we het gebouw.
Buiten begint Doortje al foto’s te maken met haar Nintendo DS.
Binnen maakt ze er een sport van om alle ‘doeken’ op de foto te krijgen. Ze loopt er lekker rond en maakt hier en daar contact met mensen die haar wat willen vragen of laten zien. We fotograferen elkaar en de details van sommige stukken.
We bewonderen alle drie wat we zien.
Als altijd inspireert ook deze kunst ons.
Eenmaal terug verrast mijn vriendin Doortje met een ‘wolpakket’ om zelf te gaan vilten. Doortje is er erg blij mee.
Op een natte middag beginnen we er aan.
Het is een intensief en langdurend proces.
Doortje luistert naar mijn stap voor stap aanwijzingen.
Klaarzetten van de benodigdheden, een ontwerp maken, wrijven, rollen, wrijven, rollen, wassen, en alles herhalen.
Op één moment zie ik haar stil en alleen gelukzalig over het doekje wrijven. Het arbeidsintensieve proces maakt Doortje zowaar even stil. Uiteindelijk komt er een prachtig doekje van 25 centimeter in het vierkant, net wat anders dan het ontwerp, uit.
Doortje vraagt me of dit nu ook kunst is.
Zeker weten liefje, kunst van mijn eigen kleine kunstenares.

 

vrijdag 8 november 2013

lezen en schrijven


Het mooiste schooljaar in een kinderleven heb ik altijd groep 3 gevonden. Als oma kan ik zeggen ‘in mijn tijd heette dat de 1e klas’
Doortje is daar nu een paar maanden in bezig en daar genieten we allebei bovenmatig van. Zij van de nieuwe kunsten die ze langzaam maar zeker onder de knie krijgt en ik van de wereld die zich nu voor haar zo opent. Hoe heerlijk als je kunt lezen en schrijven.
Hoe zalig om met haar samen zo’n nieuw onderwerp te leren.
Fijn ook om te zien met welk groot plezier ze er mee bezig is.
Voorlezen was al een dagelijkse gewoonte maar nu draaien we het ook om. Ik mag, half op schoot half tussen haar knokige knietjes, bij haar zitten om te luisteren hoe ze zich door de woorden heen worstelt.
Eerder zong ik al graag het sesamstraat liedje van Pino voor Doortje; ‘als ik later groot ben dan lees ik mama voor’. En nu doen we dat ook echt, geweldig.
We delen briefjes aan elkaar, die van haar beginnen standaard met;
LIV NANA. Overal in huis hangt ze ook briefjes op. Boven haar buro, op haar slaapkamerdeur, op de kunstwerken deur. Of ze schrijft een toevoeging op een kaart die ik wil versturen, beginnend met LIV.
Sommige epistels zijn zo cryptisch voor me dat het enige tactiek vraagt om ze te kunnen lezen. Ik begin dan met een letter in de hoop dat Doortje het woord afmaakt, gelukkig trapt ze daar wel in. Niets zo hopeloos als een lezer die niet snapt wat je schrijft.
Speciaal voor haar gemak heb ik die mooie stabilo schrijf potloden en pennen aangeschaft. Tenslotte gaat ze nog wel om de week naar de fysiotherapeut voor wat extra hulp bij de fijne motoriek. Het huiswerk daarvan is vele malen minder interessant dan alle oefen schrijverijen die ze zelf doet. Maar oefenen doet ze, en hoe.
S’morgens bij het ontbijt kruipt ze over de krant heen om woordjes te zoeken. Ik vind alles mooi.
Ook Doortjes mama geniet van de nieuwe ontwikkelingen.
Opa verbaast zich over de leesplank van tegenwoordig. Ooit was ‘wij’ een van de eerste woorden die kinderen leerden, nu is dat ‘ik’. Volgens mij niet geheel onterecht, concludeert hij daaruit een verandering in de samenleving. Vooral de individualisering. Aardig idee.
Vooralsnog brengt Doortje heel wat mensen bij elkaar met haar schrijverijen. Dat alles zonder spatie geschreven wordt, in hanepoten, met omgekeerde klinkers en medeklinkers, boven en onder de lijntjes, achterstevoren, doet daar helemaal niets aan af. Wie wil geen briefje krijgen waarvan de aanhef LIV is?

maandag 1 juli 2013

kapperen


Doortje is nog al eens bezig met haar toekomst.
Wat ze allemaal wil worden, het blijft een lijst.
Rolpatroon doorbrekend opvoeden had ik al in het verleden opgegeven. Mijn zoon kreeg een popje toen hij heel klein was en onder het stof kon het drie jaar later naar zijn zusje over. Totaal geen interesse. Misschien teveel testosteron in de buurt gehad?
Mijn dochter wilde niet met auto´s spelen alleen als het echt echt echt de enige manier was om met haar broer samen te kunnen spelen. Doortje heeft een aantal wensen over haar werkend bestaan in de toekomst. In willekeurige volgorde noemt ze; kapper, moeder, juf, zuster en soms wil ze ook wel baas van een speelgoedwinkel worden. Het is vooral de kapper die het meest de kop op steekt. Doortje geniet, in tegenstelling tot mij, van kapperbezoekjes.
De dames van de kapsalon verwennen haar met versierde lokken, speldjes en glitters. Doortje kan haar hobby ook goed kwijt bij de kapper want die deelt ze namelijk met hen. Babbelen of je de dikste vrienden bent. Doortje verteld meestal net even meer dan mij lief is. Privégegevens waar ik me van afvraag wat vreemde meisjes van 25 er mee te maken hebben. Wat we doen,eten, kopen, wie er bij ons logeren!!!! Hoe stop je dat?
Thuis oefent Doortje op poppen ze heeft een speciale kapperdoos waarin allerlei elastiekjes en speldjes zitten. Als ik mazzel heb mag ik zelf ook wel eens in haar salon komen zitten. Nou ja salon, ik zit op de bank en zij staat achter me met haar buik tegen mijn rug te kappereren. Over straat kan ik niet daarna maar de behandeling is dan wel heerlijk geweest. Ik dank Doortje dan omdat ze zo’n creatieve kapperin of kapperes is. Zo noemde ze het beroep toen ze wat kleiner was.
Laatst logeerde mama bij ons toen ik op de logeerkamer een pluk haar van 7 centimeter ontdekte. De kleur was onmiskenbaar.
Mama wilde meteen verhaal halen bij Doortje.
Ik wilde even aankijken wat er zou gebeuren.
De volgende morgen maakten we samen mama wakker en speelde ik verbazing bij het zien van die pluk haar. ‘Hoe kan dat nou?’ riep ik. ‘Ik weet van niks’ riep Doortje net iets te schel. Op mijn knieën gezakt vroeg ik haar in de poppetjes van mijn ogen te kijken. Die vraag stellen we elkaar altijd bij een vermoeden van gejokkebrok. Ze hield vol; ‘echt niet Nana’. Met mijn hoofd op standje boos vroeg ik nog eens; ‘Doortje groeit jouw neus nou?’ Variant op hetzelfde thema.
Doortje brak los; dat ik toch wel wist dat ze kapster wilde worden, dat ze al zo vaak op de poppen had geoefend, dat het maar een ieniemienie klein stukje was en als laatste of ik zag wáár ze knipte. Nee. Dat niet gelukkig.
Mama keek streng en benieuwd toe hoe ik dit zou gaan oplossen maar ik deed mijn best om niet te lachen.
Het was me geen straf waard, welk kind doet niet zo’n poging?
Mama deed het, ik ook, getuige een zwart wit familieportret waar ik sip als een miskend talent op sta te kijken met een totaal verminkte pony. Mijn moeder was destijds wel boos want bij gebrek aan een fototoestel liet ze vroeger wel eens een thuisfotograaf komen, wat mij een keer inspireerde tot een privé make-over.
Ik hoorde nog vaak dat dat portret mislukt was.
Quasi serieus vertelde ik Doortje dat we beter konden wachten tot ze de kapperschool afgemaakt had voor ze nog eens écht zou knippen, en dat we tot die tijd haar versier vriendinnen in de kapsalon zouden bezoeken.

    

maandag 24 juni 2013

Bruce


Doortje en Nana zijn vrolijk, heel vrolijk. Nana gaat naar een concert van Bruce Springsteen en daar wordt ze heel blij van. Die blijheid slaat altijd meteen over op Doortje. Het is zo heerlijk om samen in zo´n flow te zitten. Ze grijpt elke kans om die te delen. We dansen er al vast lustig op los. De muziek van Bruce is niet echt haar favoriet maar dansen wil Doortje altijd wel.
Speciaal voor Doortje heb ik een liedje opgezocht wat Bruce voor zijn kindje schreef. Ponyboy, een klein zacht wiegeliedje wat hij samen met zijn vrouw zingt. Ik maak een paardje van mijn schoot en met Doortje op mijn knieën galoppeer ik met de muziek mee. En nog een keer, en nog een keer en nog een keer Nana. Net zo lang tot ze mee kan zingen.
Ja je moet zo’n kind natuurlijk ook muzikaal opvoeden. Bovendien gilt K3 vaak in mijn oren om wat afwisseling.
Al een half jaar verheugenis heb ik er op zitten. Muziek die ik 25 jaar terug via mijn liefde leerde kennen. Voor elke staat van zijn heeft Bruce een passende song. Over gelukte en mislukte liefdes, over de wereld en de mensheid. Over gewone mensen die trouw zijn, hun best doen en falen. Van Bruce houden is gelijk aan van mijn liefde houden. Deze liefde met wie ik al 11 jaar niet meer samenwoon maar nog steeds samen ben!
En beiden aangenaam om naar te kijken. Ook niet onbelangrijk. Al viel dat tegen in het Goffertpark omdat er 60.000 mensen tussen ons en Bruce in stonden. Doortje vraagt zelfs of ik ook op Bruce verliefd ben. Nee hoor dat niet, ik vind het zelfs grappig om alle middelbare dames te zien die bij zijn concert hun kipfilet armen op het hek laten rusten en vol adoratie toe kijken. Persoonlijk ga ik liever helemaal achteraan uit mijn verstevigende panty, met kaplaarzen er over heen.
Of ik dan alleen met opa zal dansen vraagt ze. Nou is opa niet zo danserig maar omdat Doortje zich er vrolijk om maakt zeg ik toch dat ik natuurlijk alleen met opa dans. ‘Ok’ besluit ze dan mag tante met oom dansen. Ik geef de boodschap door aan mijn zus en mijn zoon. Doortje regelt zulke zaken graag zodat ze weet wat er gebeurt als zij niet in de buurt van Nana is.
En of mama’s liedje ook komt? Het lied waarin een te jong meisje een kindje krijgt om vervolgens de party lights te gaan missen. Een troostlied met jankende gitaren. Maar nee ‘spare parts’ wordt zelden live gezongen.
Doortje mag bij mama gaan logeren en heeft zelf ook wat fijns te doen. Ze mag mee naar de kermis.
De volgende dag hebben we elkaar veel te vertellen. Dat ze veel gegeten heeft, met de poezen speelde, niet gedoucht heeft, een schildpadknuffel aan de kermis over hield en een ijsje kreeg. Doortje wil alles horen over onze belevenissen in de regen. Blij om elkaars blijheid. En ik vertel hoe we zongen, dansten, gelachen hebben, nat geregend zijn, in de file stonden, pret maakten met 60.000 andere fans. Ik vertel over dé avond van dit jaar.

zondag 23 juni 2013

gemeen


Soms borrelen er wonderlijke kinderkronkels op bij Doortje als ik voor het slapen even bij haar ga liggen.
Grappige conclusies als; opa die een scheur op zijn wang heeft, waar ze dan een diepe rimpel bedoelt bijvoorbeeld.
Vorige week vertelde ze op een spannende toon dat ze heel gemene mensen kent. Ik schrik dan even, wie is ze tegen gekomen, en wat zag ze, of wat had ik willen voorkomen. Niet dat je een kind altijd kunt beschermen maar de wereld behapbaar houden voor een 6 jarige is wel een wens.
Nee, het zat anders. ‘Arabieren zijn eng.’
He??? Hoe komt ze aan dat woord? Niet van mij; ik strek mijn handen voorwaarts en draai er cirkeltjes mee. Geleerd van Paul de Leeuw, ‘cabaret cabaret’ roep je als er iets gezegd wordt wat net wel of net niet door de beugel kan. Het woord Arabieren gebruik ik namelijk nooit.
‘Verarmde adel’ die woorden had ze wél van mij. Ze vroeg of de serie die ik met een vriendin keek daar over ging. Ik vroeg stomverbaasd hoe ze aan die woorden kwam. Nou die had ze gehoord toen ik een verhaal aan opa vertelde. Heel erg geestig om uit haar mond te horen. Ook wel een ‘cabaret cabaret’ momentje.
Wat er eng is aan Arabieren liet ik haar vertellen. ‘Nou die hebben heel enge tandartsen, met een houten stoel en die trekken tanden met een knijptang. (het woord knijptang alleen al!) Ze hebben ook gevangenissen met water, de tralies komen er boven uit en het hoofd van de boef ook’ pruttelt Doortje.
Nu begint het mij te dagen. Verder zijn er ook oude mannen onder de Arabieren die dragen witte jurken en ze hebben enge hoofden die schreeuwen. Ok ok, waar zag je dat dan? ‘De Fata Morgana is echt eng Nana’ besluit ze. Ja ja, de wondere wereld die Efteling heet.
Een paar jaar terug heeft ze die attractie al eens gezien en toen bracht ze de vaartocht huiverend met haar hoofd in mijn oksel door.
Even overslaan voorlopig. Inmiddels was ze er weer geweest met opa en mij en uit voorzorg wees ik dit jaar de andere kant op bij de spannende delen, ze ging immers van harte mee dit jaar. Ze was ook met de speeltuin vereniging in de Efteling, en we lezen vaak sprookjes en andere spannende boeken. Tja, waar heeft ze dan dat woord gehoord waarmee ze nu dit oordeel velde? Ik doe nog wel mijn best door uitleg te geven over de oudheid, het oosten en Arabieren, maar Doortje verkneukeld zich nog een keer lekker over haar ontdekking. Dan gooi ik het nog even over een andere boeg. Een echte oma les denk ik! Misschien ga ik te ver maar we liggen nu lekker samen in bed, sus ik mezelf en haar hopelijk ook.
Dat mensen van elk volk elk land en elke kleur gemeen kunnen zijn maar dat alle mensen goed geboren worden. Dit mensbeeld is voor mezelf erg hoopvol en sympathiek, ik wens het Doortje ook toe. Samen met haar knuffeldoekje kruipt ze lekker tegen me aan.
De koffie moet maar even wachten, dit behoeft meer uitleg.
We babbelen nog even naar een troostrijk slaapbeeld toe.
Dat we zelf ook wel eens gemeen dóén maar het dan nog niet zíjn.
Of Doortje dat herkent vraag ik. ‘Ja Nana’ zegt ze, want haar klasgenootje had een keer hard gelachen toen er een ander kind struikelde. Dat was ook héél gemeen, zucht ze dramatisch.
Gelukkig, iets van ons aller onmenselijks is haar al bekend.
Klein en jammer, maar toch. Gemene toestanden zal ze vaker tegen gaan komen, voorlopig hebben we genoeg aan de Efteling voor die ervaring. We kroelden extra stevig die avond.   

          

 

 

zondag 16 juni 2013

avond4daagse

Vorig jaar liepen Doortje mama en ik de avond4daagse met haar school. Tot onze grote verrassing haalde ze ook de eindstreep. Mijn reumatisch onderdanen hebben dat niet gehaald. Niet omdat ik geen 5 kilometer kan lopen maar omdat het meer dan dat vraagt. De rit naar het startpunt, het gehang aldaar voor je kunt gaan lopen, wandelen, stoppen, inhalen, inhouden, struikel, kortom verre van een relaxte wandeling. Doortje had het echter prachtig gevonden, de muziekband zo vrolijk erbij, en die medaille na afloop vervulde haar met trots. En niet te vergeten; al dat lekkers wat ze toegestopt kreeg tijdens de intocht. Beetje erg veel snoep zelfs. Dit jaar vroeg daarom om meerdere wijzigingen in ons wandelbeleid. Opa wilde wel mee lopen met Doortje. Mijn anti sportieve verkering verbaast me nogal eens! Mama zou stand-by zijn als opa zou moeten overwerken. Nana zou voor de support zorgen. Het is een gezellige week tijdens dat evenement. Vroeg en makkelijk eten, vrolijkheid, veel aanmoedigingen voor Doortje en elke dag een kameraad om mee te lopen. Halverwege de route wachtte ik ze op met wat lekkers. Het snoepgehalte bleek onderweg ook al groot te zijn ondanks alle tips om dat wat te beteugelen. Nu heb ik geen moeite met de zoete versnaperingen als kadootje na de laatste avond maar wat er op de andere avonden weggegeven wordt is meer dan Doortje in een maand snoept. Overdreven dus. Als alternatief reeg ik satéprikkers vol met hartigheden voor Doortje en haar klasgenoten. Mini tomaatje, komkommertje, gedroogd fruit, druif en alle kindjes blij. Elke avond een variatie. De tweede avond sputtert Doortje zodra ze me ziet. Ze wil mee naar huis, moe. Ik herinner haar aan de medaille en vertel hoe lekker ze zich zal voelen als het gaat lukken. Ze loopt door en ik twijfel nog even. Ik riep nog dat ik trots was op mijn knapperd en liep snel naar huis. Sommige momenten vragen niet om een softe Nana. De derde avond moest opa werken. Mama blij. Haar onregelmatige werk liet wel toe dat ze die avond naar ons kon komen. De hele wandeling kreeg meteen een andere lading. Mama is in tegenstelling tot opa wél een babbelaar, en Doortje is een méga babbelaar dus dat wandelt al een stuk lekkerder weg. Doortje trok haar ‘girl power’ t-shirt aan en ze deden een high five als de route te lang leek. Waar opa een gestage doorloper is (hij liep op karakter zei hij!!!!) is mama meer van het handje geven, mee rennen en sukkelen op Doortjes ritme. Mijn tactiek was om op een derde van de route te wachten zodat de afhaak modus van Doortje makkelijker te draaien zou zijn naar; ‘nog een klein stukje.’ Ja, ik hou van een beetje doorzetten en afmaken waar je aan begon. Ze kan het niet vroeg genoeg leren. Ook op avond drie vond Doortje het zwaar. Ik liep een stukje mee en stimuleerde wat ik kon. Mama girl powerde en high fivede tot Doortje weer lachen kon. Nog maar één avond schattebout, ik zie je straks. Thuis stond een lekker warm bad klaar, ze sliep binnen vijf minuten. De laatste avond liep mama ook. Nu was de overwinning zo dichtbij dat er geen tijd was voor moe en mopper. Doortje trok haar mega Mindy pak aan en vertrok vol goede moed. Opa sms’t me steeds; overwerken, file, hij probeerde de vrolijke finale te halen. Inmiddels zat ik met de andere opa op een strategisch punt te genieten van de finale halers. Ik deelde bloemetjes met een ‘bravo kanjer’ knutsel er aan vast aan klasgenootjes en kindjes uit de buurt. Twee uur na hun start zag ik ze aankomen. Heel erg blij. Ze droegen allerlei lekkers en moois om hun nek. Ze droegen ook een super grote bos rode rozen, mijn eigenste anti sportieve opa liep er achter. Niks file, niks overwerk. Hij had ze elders opgewacht en gevraagd de rozen aan mij te geven. We hadden 25 jaar verkering die dag. Ohhhh smelt smelt. Mama vertelde tevreden hoe ze halverwege de medaille al gescored had en wat er allemaal voorgevallen was. Snoepgrage mama vond ook dat de kinderen veel ongezonds binnen haalden. Doortje stond te glunderen van de betrokkenheid bij het complot. Uitzinnig blij met alle snoep en verwennerijtjes zei ze; ‘volgend jaar ga ik langs de kant staan Nana’. Maar dat zei ze vorig jaar ook! Ik ben zo trots op mijn meisjes. ‘apetrots Nana?’ vroeg Doortje. Ja meis apetrots.

woensdag 29 mei 2013

poppen


Doortje en ik leven samen in een huis, maar dat belet haar niet om een mega grote familie om zich heen te creëren als ze speelt. In haar poppenspel zie ik interessante situaties voorbij komen. De laatste tijd heeft ze haar hele grote familie in bed bij zich genomen. Allerlei poppen en knuffels doen mee. Iedereen krijgt een naam maar soms krijgen ze alleen een rol in het spel. Dan is een pop of knuffel ‘naamloze’ vader, broer of zus. Sommigen krijgen zelfs een echt bed ín haar bed. Een piepklein poppenbedje met 3 ieniemienie muisjes staat boven haar kussen. ‘We hebben net een drieling erbij gekregen Nana’, zegt ze. Ze worden gerangschikt op behoefte van Doortje. Tenminste dat denk ik. Een poppen maxi-cosi is de plek waar een zieke zus in ligt. Doortje verteld dat ze die zus in de gaten moet houden dus ligt zieke zus vlak naast het kussen van Doortje, en zwaar ingepakt.
Een andere avond kan het zomaar zijn dat de vader dichtbij haar kussen ligt. ‘Ja, dat is mijn man, ik ben getrouwd met mijn broer want dat is een lieve jongen.’ Een grote bruine, zachte beer! Oeps, ik overweeg even, staand naast haar bed, te vertellen dat trouwen met je broer………! Nee, ik zeg het niet, het is heerlijk om in het spel alle fantasie oeverloos te laten door komen. Bovendien zal ze vanzelf ontdekken welke mogelijkheden en onmogelijkheden het leven voor haar in petto heeft. In haar wereld is bijna alles nog haalbaar, dat is een fijne gedachte. Laat ik geen pret vergallen nu ze pas zes jaar oud is.
Op een andere avond verteld Doortje me dat ze erg druk heeft omdat zij de grote zus van acht broertjes en zusjes is die ze alleen verzorgt. Ze zucht er ook een beetje bij. ‘Tjongejonge’ zeg ik bewonderend tegen Doortje. Ik durf niet te vragen hoe dit zo gekomen is!
Sommige poppen mikt ze heel relaxed over de rand van het bed als haar dat op een dag beter uitkomt. Nooit zonder reden. ‘Die doet stom Nana’, ‘daar heb ik nu geen zin’ of; ‘die is suf’. Laatst moesten Marjoleine en Sophie ieder aan een andere kant van het bed slapen omdat die twee steeds ruzie maken.
Doortje heeft de boel aardig in de vingers in die grote familie van haar. Respect voor haar daadkracht. ‘Dat doe je goed moedertje’, zei ik tegen haar. Waarna ze me een heel vergenoegd glimlachje schonk.
Er zit ook een oma in het bed. Een dikke beer, beetje onderuitgezakt. Ik ontdekte met wat verhulde vragen niet welke rol die dame eigenlijk had in het spel. Mijn nieuwsgierigheid over de verwerking van haar belevingswereld in het spel werd niet beantwoord.
Nou ja, misschien is het voldoende dat die oma-beer er steeds is!
En anders; het blijft wel fantasie hé!!!!!!

woensdag 22 mei 2013

lezen



Doortje en ik houden van lezen. Heel erg veel.
Er gaat geen dag voorbij zonder te lezen. Lekker om even in een wereld van een ander personage te stappen. 
Vaste prik is het voorlees moment aan het einde van de dag bij ons.
Als we alle rituelen hebben gehad kruipen we op de bank. Meestal zoekt Doortje zelf het boek uit met een verhaal waar zij dan zin in heeft. Soms doe ik een voorstel omdat ik zin heb ergens in verder te gaan of een onbekend verhaal wil voorlezen. Zin in iets nieuws dus. Op vrije dagen willen we de dag wel eens beginnen in bed met een voorleesboek. Er zijn veel boeken in huis, ik bewaarde de meeste kinderboeken van mijn eigen kinderen. Elke kinderboekenweek mochten mijn zoon en dochter een boek uitzoeken, een traditie de ik nu met Doortje voorzet. Mijn zoon is een vakantie lezer gebleven. Mijn dochter leest nog steeds met veel plezier wat nogal wonderlijk is gezien haar ontwikkeling op dat gebied, ze leerde traag maar zette altijd door en bleef lezen. Nu tippen we elkaar wel eens over spannende boeken. Ook met feesten staan er vaak boeken op de verlanglijstjes, altijd een fijn kado om te geven of krijgen. Er is een boekenkast in de huiskamer én er zijn twee boekenkasten boven. Af en toe ruil ik wat boeken om bijvoorbeeld omdat Doortje er te groot voor is en ze niet meer aanspreken of omdat ik zelf een boek zat ben. Ik herinner me dat ik vroeger een boek aan mijn zoon voorlas wat ik spuugzat raakte. Het ging over twee buurmannen die allerlei avonturen beleefden terwijl ze klusjes opknapten. Niet de buurman en buurman van nu, die vinden we wel grappig. Het boek van toen liet me in elke regel het woord ‘buurman’ een of twee keer zeggen. Ik kon dat boek niet meer zien van verveling. Hij was er gek op dus las ik het vaker voor dan me lief was. Doortje laat zich makkelijker adviseren. Series vinden we lekker, meegaan in belevenissen van één persoontje. De Bobbie boekjes toen ze klein was. De Annie M. G. boeken. Alles van Marianne Busser en Ron Schröder omdat zij zo heerlijk rijmen. Geronimo Stilton over de gebruiken in andere wereld delen. De Muizenhuis boeken over Sam en Julia. Toen die net uit waren hebben we zelfs gemaild met de schrijfster; Karina Schaapman. Om haar te complimenteren met de prachtige boeken en te vragen of we dat muizenhuis ook in het echt konden zien. Ze antwoordde en zo kwamen we in de Openbare Bibliotheek Amsterdam terecht. Nog steeds te zien en echt fantastisch, een aanbeveling. Sprookjesboeken in allerlei varianten, wel of niet op rijm. Soms gaan we samen naar de bieb om wat nieuws uit te zoeken. Op dit moment zijn bij Doortje de verhalen over groep 3 erg in trek. Meester Max en de reuzenkleuters was een regelrechte hit. Na de zomer gaat ze zelf naar groep 3. Voor de komende kerst kan ze zelf lezen. Van puur genot om dat plezier zing ik net als Pino uit Sesamstraat wel eens voor haar; “als ik toch eens lezen kon dan las ik Nana voor………”.
‘Maar jij blijft wel voorlezen hé Nana?’ roept Doortje dan bezorgd.
Beloofd is beloofd. Welk boek ze maar wil.

 


 

vrijdag 10 mei 2013

paaldanssplit


Het is vakantie en ja hoor; mooi weer.
Blote benen en de hele dag buiten zijn, daar hou ik van.
Vandaag is zo’n dag zonder afspraak of uitje. Doortje gaat net als ik haar eigen gangetje.
Dit is het eerste jaar dat Doortje alleen naar de speeltuin mag. Één blok achter ons huis ligt een ruime, afgezette en gevarieerde speeltuin. Veel toestellen en voor alle leeftijden wat wils.
Nu is het wel wel stoer om alleen naar de speeltuin te kunnen volgens Doortje maar het moet mij niet te lang duren. Kwestie van wennen denk ik. Als ik haar een poos niet hoor of zie zoek ik haar even op. Alles oké. Lekker zandkastelen bouwen. Ik loop terug naar huis. Wasje vouwen, tuinwerkje, poosje lezen. Doortje is nog steeds niet terug. Ja hallo, het is best lekker rustig en ik geniet ook wel maar die vrijheid wint niet van het bekende zorgen en weten waar en met wie Doortje is. Ik pak een tijdschrift in en wat drinken. Als ik geïnstalleerd ben is Doortje blij me te zien want nu kan ze haar kunsten vertonen. Inmiddels is er een ander meisje waar Doortje mee speelt. Een bijzonder type. Deze Louise viel wel eerder op door haar jongensachtigheid; wild, veel schreeuwen en bazig, maar wel gecombineerd met een mooi koppie vol met lange blonde krullen. Motorisch is ze, anders dan Doortje, super behendig. Of ik wil zien wat ze allemaal kunnen op het grote klimrek? Nou doe maar dan, ik ben er nu toch, denk ik verbaasd over deze nieuwe vriendschap. Louise vraagt of Doortje al kan paaldansen. Omdat ze nee schudt doet Louise het wel even voor. Ik weet niet wat ik zie! Als een volleerd stripactdanseresje zwiert ze elegant fladderend naar beneden. Rechterbeen sierlijk gestrekt opzij met de linkervoet parmantig op de rechterknie. Goh, daar is zo’n klimrek ook nog goed voor. Doortje doet ook een poging en ploft gewoon lekker snel van 2 meter hoog het zand in. Nee, dat was niet de bedoeling even wat anders dan. Of Doortje de paaldanssplit kent? Nuh nuh, hoe die dan moet vraagt Doortje nog even vrolijk. Er volgt weer een leeftijd onheus showtje met écht waar een roetsj naar beneden en een perfecte split in het zand. 7 jaar is Louise! Ik kan het niet laten te vragen waar ze dat geleerd heeft. Nou, ze kijkt altijd; nekst sjenureetsjun dens naaw. Oh ja natuurlijk, nu snap ik het. Maar niet heus, denk ik oenig. Beetje verbaasd maar gerustgesteld over het feit wat Louise thuis allemaal ziet, wacht ik af. Doortje is aan de beurt en eindigt met haar sprietige ooievaarspootjes kromgebogen in een kuil. Even vrolijk. Het verschil in act kon niet groter zijn. ‘Nee nee’ roept Louise, ze doet wel even de variant voor 4jarigen voor, want deze is veel te moeilijk, kan Doortje dát proberen.  Deze belediging pikt Doortje niet. Ze kiest eieren voor haar geld, erkent haar meerdere in het paaldansen en vraagt of Louise mee gaat wippen. That’s my girl.

    

 

dinsdag 30 april 2013

koningsdag


Lief meisje we maakten een gedenkwaardige dag mee. Vandaag is sinds 123 jaar in Nederland een koning ingehuldigd. Koning Willem Alexander, klinkt dat niet mooi? Samen met zijn koningin Máxima, de prinsesjes Amalia, Alexia en Ariane vierde hij een geweldige dag.
Waar een klein land groot in kan zijn is écht een mooi feest aanbieden. Vanmorgen de abdicatie in het paleis op de Dam. Daarbij voelde ik al een kleine hik-slik van ontroering toen moeder en zoon elkaar even in de hand knepen. Tja, Beatrix mag stoppen met werken, gaan genieten van een welverdiend pensioen. Alleen zij weet welke weinig begerenswaardige taak haar zoon met zijn gezin te wachten staat.
Je bouwt verder aan je duplo kasteel en kruipt af en toe naast me op de bank om samen te kijken naar traditie en protocol. Emotioneel is het als Alexander en Beatrix elkaar kussen op het balkon, als Máxima haar schoonmoeder, handenknijpend ondersteunt en wanneer Alexander Amalia kust. Het bijna huiltje als Alexander zijn ´Zo waarlijk helpe mij God almachtig´ uitspreekt. Waarom dan Nana?’ vraag je. Tja lieverd het is een belangrijke gebeurtenis in het leven van die familie en dan leef ik een beetje mee. Oh oh wat een watje ben ik soms.
We smullen, oranje gebak, en ook van de prachtige kledij van alle gasten. Stiekem vinden wij de Marokkaanse afgezante Lalla Salma het aller áller mooist gekleed. Huiverend hoor je aan dat twee prinsen trouwden met ‘burgermeisjes’ je trekt zelf de conclusie dat je kansen op een koninklijk leven nog niet verkeken zijn. Opa en ik gniffelen om de zure blikken van prins Charles, hij wacht nog stééds op een kans om ook koning te worden. De Nieuwe Kerk is spectaculair versierd, de pracht en praal is sprookjesachtig. Ik vertaal voor je wat de NOS mensen vertellen. Over scepter, kroonappel en kroon. Waarom Alexander de kroon niet draagt? Te klein en te zwaar, maar wel een mooie mantel met 83 leeuwtjes er op geborduurd. Over Masako  uit Japan, die jij nu zielig vindt maar wel leuk dat ze naar dit feestje mocht! Over de visnetten die als versieringen worden gebruikt, jij had het idee dat slingers mooier zouden zijn! En of de prinsesjes geen koude armen zouden hebben. De gouden koets had er wat jou betreft ook nog wel bij gemogen.
Gelukkig wil opa wel even met je naar de vrijmarkt in ons eigen dorp. In je oranje kleertjes en zelf opgesmeerde schmink. Later zou een klasgenootje nog vragen als wat jij geschminkt was! Nou; ‘als vlag natuurlijk.’ Rood wit en blauw nog vaag zichtbaar. Dolblij kom je terug want dit jaar kon je wél paardrijden, je herinnerde je nog dat het vorig niet lukte omdat de rij wachtenden toen té lang was. Nana is blij dat je er geen reut hebt gekocht, ik wil liever van dingetjes af dan erbij te krijgen in huis.
’s Middags gaan we nog een keer naar het feestgedruis. Dorpsgetrouw lopen de mensen in oranjekleding van het laatste voetbalfestijn en zijn de activiteiten identiek aan vorig jaar. Hup Holland hup.
Je geniet bewonderend van kinderen die dansjes en liedjes op een hoog podium uitvoeren. Dat zou je ook wel willen, maar nog niet durven.
Lief kind, ik ben benieuwd wat jij je later herinnert van deze bijzondere dag. Zelf herinner ik me de aubade, die we als kleine kinderen met de hele school brachten bij het gemeentehuis, strak in het gelid, op elke Koninginnedag . Ook ik oefende net als jij landsgetrouw het Wilhelmus. Dat we het samen nog maar vaak mogen zingen voor deze prachtige Koninklijke familie.

zondag 28 april 2013

kleine zus

Doortje zit te strijkkralen. Ze maakt een beertje voor haar zusje. Zusje??? Nee niet echt, maar voor Doortje wel.
Dit behoeft enige uitleg. De kleine geschiedenis van het kleine zusje want zusje is pas 1 jaar oud. Ik had nog werk toen Doortje geboren werd. Ik had ook nog werk toen Doortje bij me kwam wonen. Een leuke baan als onderwijsassistente op een VMBO afdeling zorg en welzijn. Op de top van mijn carrière gaf ik er 19 praktijk lesuren aan meiden van 14, 15 en 16 jaar oud. Als parttimer had ik daar 20 klok uren voor. Na enige krimp op de afdeling kwam ik op de administratie daar terecht, en ook dat was leuk. Véél van geleerd.
Doortje heeft na de roerige periode (met mama) bij opa, ook nog een week of 6 in een KVT gewoond. (kort verblijf tehuis.) Die weken dáár waren traumatischer voor ons allen dan haar moeizame start. Goddank, is het gelukt om Doortje bij me te krijgen.
Mijn baas was fideel, ik kon elke dag naar Doortje toe, en om mijn bezoeken heen werken. Maar ondanks dat ik haar dagelijks zag, voorkwam dat niet dat ze een verstoorde hechting opliep. De herinnering aan haar hartverscheurende gehuil als ik vertrok, bezorgt me nog kippenvel.
Na de 4 weken pleegzorgverlof moest ik weer aan het werk. Doortje was nog volop aan het hechten en het kinderdagverblijf had een wachtlijst, waardoor ik besloot om een oppas aan huis te zoeken.
Dat was snel geregeld.
De dochter, (met een mega kinderwens), van een van vriendin was al vanaf het begin betrokken bij ons en wilde graag helpen bij de zorg voor Doortje. Het bleek een gouden greep, tot op de dag van vandaag.
Inmiddels is het moederhart van de oppas ook gevuld en dát kindje noemt Doortje nu haar kleine zus.
Doortje miste de oppas en haar baby toen kleine zus net was geboren. Dat die twee tijd nodig hadden om aan elkaar te wennen, begreep ze niet. De ontwikkeling van kleine zus volgt Doortje nu met interesse. De oppas noemt Doortje trouw ‘grote zus’, een titel waar ze trots op is.
(Ik vraag me wel eens af hoe we dat weer gaan verklaren met onze toch al gecompliceerde gezinssamenstelling!)
Nu, in de meivakantie, staat er weer een logeerpartijtje op de agenda, bij kleine zus.
Er gaan vaak kaartjes en cadeautjes heen en weer. Speeltjes en kleertjes van Doortje gaan over naar het kleintje. Soms gaat er een gekocht presentje mee naar kleine zus, soms stuurt Doortje een zelf geknutselde kaart naar haar. Via een foto op facebook laat de oppas dan de ontvangst zien. Dat vindt Doortje prachtig.
Dit keer krijgt kleine zus een strijkkraalwerkje.
Heel aandachtig worden de vorm en kleurtjes uitgekozen. ‘Denk jij dat mijn kleine zus dit mooi vindt Nana?’ vraagt ze. Ik weet het zeker liefje.

vrijdag 26 april 2013

knutselaar


Als Doortje goede zin heeft kan het huis zo maar ontploffen. Ze is dol knutselen. Er is een deur ingericht met haar fröbelwerken, er is een stuk muur vrijgehouden voor grote stukken, er is een rail waar steeds een andere compositie aan hangt. 
Ik hou van haar werkjes, haar inzet, haar fantasie. We hebben een grote voorraad aan materialen en gereedschappen. Zo heerlijk, alle dingetjes in hun eigen kleine mini curvertje. Er is zelfs een speciale crea-kast. Noem het en het is er, van een brood klei tot en met splitpennen met een 'diamant' er op. Papiersoorten, verfartikelen. 
Het ziet er zalig uit als ze er mee bezig is. 
Maar ook samen maken we mooie kunstwerken;
Doortje lag op de grond en ik trok haar silhouet na op een stuk papier. (2 vierkante meter van het huis bezet). Volgens haar zou dat beter gaan als ze bloot was, waardoor ik het niet kon weerstaan om dan ook nog even de kieteldood te doen. En dan gaat zij weer roepen 'ganade citroen ik zal het nooit meer doen'. Lig ik weer in een deuk om haar 'ganade' en zo zijn we lang zoet. 
Met haar omtrek gaan we aan de gang. Oude behangboeken hebben prachtig papier waar ze uit kan kiezen om haar eigen levensgrote aankleedpop mee te kleden. (4 vierkante meter). Het hele project is een genot. Zo veel te kiezen, fantaseren en te verfraaien. (9 vierkante meter).  Als de papieren pop helemaal klaar is gaat er nog een zelfgemaakte ketting om heen, de plakdiamanten worden een armband, wol wordt haar. Stickers zijn overal goed voor dus de behangkleding wordt met stickers opgeleukt.  Plan na plan, idee na idee. Doortje geniet. 
Inmiddels liggen de grote en de kleine tafel vol, de keuken is bezaaid maar het project vordert gestaag. 
Zo aan het einde is het de bedoeling dat ik altijd minder ga bijdragen. De versiering is echt haar specialiteit. (gelukkig nog één stoel vrij). 
Lapjes erbij, voor zakjes op de jurk. Ze tekent een mooi gezichtje op de pop. Het is een kunstwerk op ware grootte geworden. Een zelfportret. 
Nu moet zo'n hele exercitie natuurlijk ook afgebouwd worden, het leven gaat gewoon door, ook na grote projecten. 
Even kijken hoe ik dit aan ga pakken.  Opruimen is dan weer een bezigheid waar mijn kunstenares niet zo veel mee heeft. 'Weet je wat Nana' zegt ze gehaaid en bij wijze van goedmakertje na me weggestuurd te hebben van het versieren, 'dan mag jíj alleen opruimen vandaag'.
Een speciale aanbieding van de dag waar ik niet om gevraagd heb, ik bedank vriendelijk. Samen vullen we weer alle gezellige mini-curvertjes en ruimen puin. Of ik dan wel nu even de cd 'ja zuster nee zuster' op wil zetten want dan zingt ze er bij!
is ze niet enig?

 

zondag 21 april 2013

museum


Doortje vraagt me regelmatig of ik wil vertellen over vroeger. Ze hoort dan graag verhalen over mijn kindertijd. Wat ik deed met mijn broers en zussen, hoe onze vieringen waren en hoe mijn opvoeding was. Ook zegt ze soms dat we allebei iemand missen; zij haar papa (die ze niet kent, wat ze erg jammer vindt) en ik mijn oma. Dat verbindt. Dan luistert ze naar de verhalen die ik ken over hen beiden. Vooral het begrip ‘vroeger’ vindt ze interessant. Vandaag had ik er pret in om haar eens mee te nemen naar een wereld van vroeger. We gingen naar het Zuiderzeemuseum in Enkhuizen. Doortje snapt jammer genoeg niet hoe weinig eer ze mijn blognaam doet bij zulke activiteiten. Tussen alle antiquiteiten voel ik me reuze bejaard, maar goed je hebt een leuke dag zo. Opa had het museum nog nooit bezocht dus ook hij was aangenaam verrast na het horen van mijn plan. Ik werd vrolijk toen hij me er aan herinnerde dat ik daar in een grijs verleden een bijzonder mooie visser had ontmoet. Was ik vergeten maar hij kan soms onbedoeld toch een quasi jaloers tikje geven. Enig hoor.
In de auto op weg vroeg Doortje al na 10 kilometer of we er al waren, het was bijna anderhalf uur rijden! Gelukkig is deze Nana doorgewinterd in het kindervermaak dus er stond een tas met allerlei lekkers en gezelligs naast haar. Opa en ik hoopten dat ze dan ook niet de héle weg zou kletsen.
Daar aangekomen bleken we te moeten overvaren om in het openluchtmuseum te komen, extraatje.
Wandelend door het prachtige gehucht zuchtte ik van oh en ah. Elk sentiment werd breed uitgemeten voor Doortje. De buiten wc met het hartje in de deur, net als bij mijn oma, vond Doortje; ‘smerig zeg’.
Ze huppelde lekker de bleekweide in om daar in de vruchtbomen te gaan klimmen. ‘Echt waar Nana’ riep ze steeds als ik iets vertelde. Het leek Hans Teeuwen wel.
‘Kleine mensjes hoor’ zei Doortje toen ze een bedstee zag.
Beetje teleurgesteld in het oude snoepwinkeltje waar het snoep van mijn jeugd niet meer te zien en te koop was, een eigen zakje tum tum maakte dat weer goed.
In 1 woonhuisje konden kinderen zich verkleden en dat mocht dan een half uurtje gedragen blijven. Ze zag er beeldig uit als Zeeuws meisje, maar vond het behoorlijk lastig spelen met al die lange rokken en schorten over elkaar, een dubbele boezeroen en ook nog twee kapjes op haar hoofd.
Ze probeerde een onmogelijke driewieler te berijden, een stokpaardje en een ijzeren hoepel, hopeloze actie, wel grappig.
Alle oude winkels waren niet zo aan Doortje besteed. Opa en ik haalden herinneringen op. We zagen onze oude slager, kapper en kruidenier weer voor ons.
De gezelschapspelen op het plein waren wel erg leuk. Alles probeerden we.
Voor kinderen is het museum wel écht leuk waar het ook bevolkt wordt. In het schooltje kun je een lesje volgen. Iedere werknemer in klederdracht. Bij de klompenmaker een klompje knutselen. Overal waar we liepen kwamen we steeds de voddenboer tegen met zijn kar. Op het laatst groetten we elkaar vrolijk als hij weer langs reed.
Ja, een beetje nostalgisch wordt je daar wel van. Maar naar huis gaan waar de lichtknopjes, cv, stofzuiger, wasmachine en koelkast binnen handbereik zijn is wel tof.
En Doortje; die is in één dag meer te weten gekomen over vroeger dan uit al mijn verhalen, de komende dagen kan ik wel weer wat vragen verwachten.